Al van kleins af aan was Johan te vinden in de natuur. In het bos vlakbij zijn ouderlijk huis in Teteringen hield hij ervan om te graven, hutten te bouwen en te crossen met brommers en motoren. Als vijfde kind in een gezin met drie broers en twee zussen kon hij altijd wel met iemand samen gaan spelen. Toen hij wat ouder was, liep hij een krantenwijk. Met kilo’s aan papier op zijn rug, voorzag hij alle adressen van de krant. Dat hij later ook met een flinke rugzak op missie zou gaan, speelde nog helemaal niet in zijn hoofd. Johans droom was eerst namelijk om bij de politie te gaan werken. Na de middelbare school verder studeren was niet aan hem besteed. Toen hij op zeventienjarige leeftijd bij de politie solliciteerde, bleek hij te jong. "Kom over een paar jaar maar terug”, kreeg hij te horen.