In 1904 voltrok zich op het schiereiland Neu Pommern (nu New Britain geheten, op Papoea-Nieuw Guinea) een missiedrama. Tien jonge missionarissen, vijf zusters, twee broeders en drie paters (priesters) werden op dezelfde dag op verschillende missiestaties vermoord. Onder hen was de Tilburgse pater Henri Rutten (1873-1904). Aan de hand van zijn brieven krijgen we een beeld van zijn verblijf in Papoea en de spanningen in de samenleving die leiden tot de moord.