In het Brabants vind je die typisch Hollandse woorden vooral in oude vestingsteden, zoals Grave, Geertruidenberg, Woudrichem, Heusden en Bergen op Zoom. Dat komt doordat die steden vroeger veel contact hadden met Holland.
Woorden als gère, gèèrs en ger hebben een heel andere herkomst dan graag. Ze komen namelijk van hetzelfde middeleeuwse woord als het Nederlandse gaarne.
Dat woord was gherne, met varianten als gheern en gheren. Het stamde af van het Germaanse *gernō (‘op begerige wijze’). *Gernō is ook de voorouder van het Duitse gern(e), het Friese jerne en het Nedersaksische geerne.
Gèèrs komt ook van gheern. Maar waarom heeft gèèrs dan een s? Dat komt door de r: die had in Oost-Brabant wat weg van een sisklank als er een n op volgde. Zo’n r heet de suizende r.
Op den duur ontstond er na die suizende r zelfs een ‘echte’ s of z; de n sneuvelde. Zo veranderde gheern in gèèrs. Zoiets is ook gebeurd met sommige andere woorden.
Het Oost-Brabantse durske (‘meisje’) komt bijvoorbeeld van deernke. De plaats Deurne heet in het plaatselijke dialect Deurze. En karnen vind je in Oost-Brabant terug als kaorze.