Dienstplicht in tijden van lerarentekort
De aanleiding voor Van Nuland’s plaatsing bij de BB was opmerkelijk. “Ik was goedgekeurd voor militaire dienst, oudste zoon, dus ik ging ervanuit dat ik moest. Maar ik werd buitengewoon dienstplichtig.” Die status, zo vermoedde hij, hing samen met het nijpende tekort aan leerkrachten. “Ik zat op de bisschoppelijke kweekschool in Den Bosch, en ongeveer de helft van onze klas bleek buitengewoon dienstplichtig. We dachten: dat kan geen toeval zijn.”
Een jaar ging voorbij, het was ondertussen 1971. Hij werkte gewoon door, totdat plots een nieuwe brief kwam: hij werd opgeroepen voor de BB, meer specifiek: de ABC-dienst. “Dat stond voor atomair, biologisch en chemisch. Nou, dat klonk meteen al behoorlijk serieus.”
De dreiging was echt
In die jaren hing de dreiging van een kernoorlog voelbaar in de lucht. “Het klinkt naïef, maar het heeft mijn studiekeuze beïnvloed. Ik wilde eerst natuurkunde gaan studeren, maar toen we bij HBS kernfysica kregen, dacht ik: nee, daar wil ik niks mee te maken hebben. Het idee dat je dan misschien aan kernwapens zou kunnen bijdragen, dat voelde niet goed.”
Ironisch genoeg kwam hij juist terecht in een organisatie die zich bezighield met de gevolgen van die dreiging. “Maar dat vond ik dan wel weer acceptabel. Als het dan tóch gebeurt, dan kun je misschien nog iets betekenen.”
Een week opleiding
De BB-opleiding vond plaats op het Veemarktcomplex in Den Bosch. “Een barak, een grijs uniform, en een week lang les over alles wat met atoom-, bio- en chemische aanvallen te maken had.”
De sfeer? “Tja, een beetje dubbel. De docenten namen het bloedserieus. Maar wij jongens onder elkaar maakten er af en toe ook een beetje lacherig werk van. Zeker als je hoorde wat de overlevingsstrategieën waren. Onder de trap gaan zitten, of in de schuilkelder van het provinciehuis. Nou, veel vertrouwen gaf dat niet.”
Het hoogtepunt (of dieptepunt) van de opleiding was een grootschalige oefening. “Bij Van Udenhout hadden ze allemaal Volkswagenbusjes gehuurd. We kregen gaspakken aan, gasmaskers op, en op weg gingen we. Eén van de opdrachten was chemisch opsporingswerk. Nou, de BB had daar een heel inventieve oplossing voor bedacht: een bezemsteel met een papierklemmetje eraan, waarin een lakmoespapiertje zat. En zo gingen wij dan op dat verdachte poeder af. Dat zag er natuurlijk ook niet uit: een stel jongemannen in gaspakken met gasmaskers, midden op het Brabantse platteland.”
Hij grinnikt nog bij de herinnering. “Op een gegeven moment kwam er een boertje op zijn fiets voorbij. ‘Is het oorlog?’ vroeg-ie. Ja, riepen wij.”
Tussen ernst en absurditeit
De oefening had ook zijn pijnlijke kanten. “Die gasmaskers, daar kon je nauwelijks doorheen kijken. Dus toen we terugkwamen waren er van de tien busjes nog maar drie onbeschadigd. De rest was tegen een paaltje gereden, of erger.”
Ondanks de knulligheid, benadrukt hij de ernst van de zaak. “We kregen ook EHBO, en daar heb ik later in het onderwijs nog echt wat aan gehad. En ja, je kreeg een beeld van wat een atoomoorlog betekent. Je werd er niet vrolijk van.”
Een vergeten apparaat
Na die intensieve opleidingsweek volgden nog jaarlijkse opfrisdagen. “Ik geloof één of twee keer per jaar, dan moesten we weer terug naar de barak op het Veemarktkwartier. Maar ja, de klad kwam erin. Ik heb later gelezen dat de BB in de jaren ’80 is afgeschaft, maar daar herinner ik me eigenlijk niets van. Geen brief, geen afscheid, niks.”
Hij bewaart er ook geen foto’s of documenten van. “Dat vind ik achteraf wel jammer. Maar in die tijd keek niemand echt op tegen de BB. Jongens die wél in dienst gingen, lachten er een beetje om. Dus trots was je er niet op.”
Een les in onmacht
De belangrijkste les die hij eraan overhield? “Dat je uiteindelijk niet zoveel kunt doen. Je kunt je voorbereiden, ja. Maar als het echt gebeurt, als er een atoomoorlog uitbreekt, dan zijn je opties heel beperkt. En dat maakt het lastig: je wil mensen informeren, maar je kunt ze niet echt geruststellen.”
Dat dilemma is vandaag weer actueel. Met toenemende geopolitieke spanningen is er opnieuw aandacht voor civiele verdediging. “Ik vind het goed dat er weer over nagedacht wordt. Maar het moet wel serieus. Niet alleen zeggen: iedereen een noodpakket. Nee, er moet een plan achter zitten. Wat kunnen we echt doen als het fout gaat? Wat kunnen overheden doen?”
Zelf heeft hij geen noodpakket in huis. “Wel over gepraat thuis. Maar ik heb ook zoiets van: ja, heeft het allemaal wel zin? Toch weet ik ook: bij een simpele stroomstoring ben je al blij met een zaklamp. Dus ja, eigenlijk is het verstandig.”
Een geschiedenis die weer actueel is
Het verhaal van de BB is er één van goede bedoelingen, naïviteit, en bureaucratische logica. Van jongens die werden ingezet om het einde der tijden te bestrijden met bezemstelen en gasmaskers. En van een samenleving die ergens wel wist dat het niet veel voorstelde, maar toch behoefte had aan het gevoel van controle.
Dit artikel kwam tot stand in samenwerking met Heemkundekring Rosmalen.