Dit deed hij niet alleen, maar samen met schrijvers, wetenschappers en kunstenaars. Het resultaat was een driedelig boekwerk, Het Nieuwe Brabant, dat verscheen tussen 1952 en 1955. Elk deel was gewijd aan een thema: achtereenvolgens āHet Brabantse Landā, āHet Brabantse Volkā en āDe Brabantse Geestā. In de bijdragen wordt weerspiegeld dat Brabant juist toen op een

keerpunt stond in de overgang van een traditionele naar een moderne samenleving.
Al overheersten het optimisme en het geloof dat dat nieuwe Brabant ook een beter Brabant zou zijn, sommige auteurs konden hun neiging tot nostalgisch terugblikken niet onderdrukken. Toch was ook dat in de geest van De Quay. Brabant opstoten in de vaart der volkeren, maar dan wel met behoud van “traditionele Brabantse waarden”. Het Nieuwe Brabant van De Quay is ook achteraf een fascinerend Brabants zelfportret gebleken en interessant genoeg om het na zestig jaar nog eens over te doen.
Met een betrokkenheid bij Brabant die niet onderdoet voor die van De Quay, heeft commissaris van de koning Wim van de Donk het initiatief genomen voor Het Nieuwste Brabant, dat in het voorjaar van 2014 verscheen. Een nieuw zelfonderzoek, wederom met inschakeling van gezaghebbende auteurs. Alleen niet langer opgezet langs lijnen van Land, Volk en Geest, maar ingedeeld naar āHet Nieuwste Ondernemenā, āHet Nieuwste Organiserenā, āHet Nieuwste Verbeeldenā, en āHet Nieuwste Verbindenā. Waaruit mag blijken dat niet slechts de tekst, maar ook de structuur van een boek de geest van de tijd weerspiegelt.