Nachtkroeg en De Stijl

Anthony Kok in 1915. (Foto: Anoniem, 1915, Wikimedia Commons)

In het begin van de twintigste eeuw was Brabant niet alleen vooruitstrevend op het technologische vlak. Ook in de kunst bewandelden Brabanders nieuwe wegen.

Antony Kok (1882-1969) was chef-commies bij de Staatsspoorwegen in Tilburg. Toen hij bevriend raakte met de Amsterdamse schilder en schrijver Theo van Doesburg (1883-1931), die tijdens de mobilisatie in 1914 in Tilburg gelegerd was, begon hij ook experimentele gedichten te schrijven. Het gedicht Nachtkroeg uit 1915 is een voorbeeld van zijn Klankpoëzie. Het zou enkele jaren later zelfs gepubliceerd worden in het avant-gardistische tijdschrift De Stijl.

Kok, die een passie had voor kunst en muziek, was een van de oprichters van het tijdschrift, samen met Van Doesburg, schilders als Piet Mondriaan (1872-1944) en Bart van der Leck (1876-1958) en de architecten J.J.P. Oud (1890-1963) en Jan Wils (1891-1972). Later sloot ook Gerrit Rietveld (1888-1964) zich aan bij deze kunstenaarsgroep, die bepalend was voor de doorbraak van de abstracte kunst en het modernisme in Nederland. Veel van wat nu bekend is over de beweging De Stijl is ontleend aan de uitgebreide correspondentie tussen Theo van Doesburg en Antony Kok.


Briefkaart door Theo Van Doesburg op 12 september 1921 vanuit Weimar aan Antony Kok verstuurd. (Bron: Theo van Doesburg, 1921, Van Doesburgarchief)kaartkok.png
Briefkaart door Theo Van Doesburg op 12 september 1921 vanuit Weimar aan Antony Kok verstuurd. (Bron: Theo van Doesburg, 1921, Van Doesburgarchief)

Onderdeel van:

Jouw verhaal telt ook!

Deel het met ons en help Erfgoed Brabant Verhalen groeien!

Periodes